kop

Progressive Retinal Atrophy/Degeneration

Progressive Retinal Atrophy of Degeneration (PRA of PRD) is het voortdurend (Progressive) afnemen (Atrophy) of achteruitgaan (Degeneration) van het netvlies (Retina). PRA werd voor het eerst omschreven begin 20e eeuw en deze erfelijke aandoening is terug te vinden bij honderden hondenrassen en ook bij rasloze honden.
PRA komt niet veel voor bij katten, maar bij de Abessijn (Somali) zijn er wel gevallen waargenomen. Een tekort aan het aminozuur Taurine kan PRA veroorzaken. Dit is één van de redenen waarom sommige voedingssuplementen Taurine bevatten.

Anatomie van het oog
OogHet oog is een zeer delicaat, maar toch sterk orgaan. Het bestaat uit een hoornlaag van verschillende lagen. Het hoornvlies is een doorschijnende laag aan de voorkant van het oog. De iris is het gekleurde stuk, en het laat meer of minder licht binnen. De lens focust het licht op het netvlies. Tussen het hoornvlies en de lins zit vocht welk de lens "smeert" en helpt scherp te stellen. Het netvlies ligt aan de binnenkant van het oog en vormt licht om in signalen welke via de oogzenuw naar de hersenen gaan. In de oogkamer zit een dikke vloeistof die het oog zijn vorm en stevigheid geeft.

Het netvlies
Het netvlies is het stukje oog dat aangetast wordt door PRA. Het netvlies ontvangt het licht van de lens en zet het om in elektrische pulsjes welke door de hersenen, via de oogzenuw, omgezet worden in een beeld. Het netvlies bevat fotoreceptoren, staafjes en kegeltjes, die het dier helpen te zien in het duister (staafjes, voornamelijk zwart/wit) en die dienen om kleuren te onderscheiden (de kegeltjes).

Wat is PRA?
Normaal ontwikkelen de fotoreceptoren zich vanaf de geboorte tot een week of 8. Bij PRA ontwikkelen ze zich, maar degenereren naarmate de kat ouder wordt. Het degenereren van de staafjes is de meest geziene vorm van PRA bij katten. Het start met nachtblindheid en evolueert tot volledige blinkheid, mogelijk al op 3 tot 5 jaar. Deze late ontwikkeling is funest bij fokken omdat de katten waarschijnlijk al kittens hebben vóór de eerste tekenen van de blindheid bij de ouderdieren waargenomen worden.

Wat zijn de symptomen van PRA?
PRA is niet pijnlijk en het oog ziet er normaal gezien normaal uit (niet rood, traant niet, ogen worden niet dichtgeknepen). Er kan soms een persoonlijkheidsverandering bij de kat waargenomen worden, het kan zijn dat ze niet geen trappen meer wil doen of donkere hallen mijdt. Dit duidt op nachtblindheid. Als de toestand verergert gaan de pupillen verder openstaan en wordt de reflexie van licht tegen de achterkant van het oog duidelijker. Als de toestand langzaam verergert, is het mogelijk dat de blindheid pas opvalt als de kat in een vreemde omgeving terecht komt. Bij sommige dieren kan de lens troebel worden.

Hoe wordt PRA gediagnoseerd?
De karakteristieke wijzigingen aan het netvlies kunnen door een opthalmoscopische test aangetoond worden. Deze test is pijnloos (het dier moet niet in slaap), maar dient wel door een specialist met aangepaste apparatuur (een opthalmoscoop) uitgevoerd worden. Ook hier is het laattijdig optreden van tekenen van de afwijking een probleem: pas tussen 1.5 tot 2 jaar kan - als er geen tekenen van PRA waargenomen worden - besloten worden dat de kat waarschijnlijk PRA-vrij is.
De laatste jaren is men bezig DNA onderzoek naar PRA te doen bij honden. Voor katten is een dergelijke test (nog) niet beschikbaar.

Hoe wordt PRA behandeld?
Bij de vorm te wijten aan Taurinetekort, kan de degeneratie (indien nog niet te ver gevorderd) worden gestopt met een aangepaste voeding.
Voor de erfelijke vorm van PRA is (nog) geen behandeling mogelijk, ook niet om de aftakeling te vertragen. De meeste dieren met PRA worden uiteindelijk blind. Katten blijken zich heel goed aan te passen aan hun geleidelijk erger wordende handicap. Soms wordt pas duidelijk dat de kat zo goed als blind is als b.v. meubels verplaatst worden.

Kan PRA voorkomen worden?
PRA vertoont bewijzen dat het erfelijk is. Kittens uit katten die PRA vrij bevonden worden lopen weinig risico om PRA te ontwikkelen. Katten waarbij PRA aangetoont is, worden best niet meer gebruikt om te fokken. Ook de nestgenootjes en/of de ouders worden best van fok uitgesloten. Heeft u een kat waarbij PRA vastgesteld wordt, breng dan de fokker hiervan op de hoogte.

Terug